De energiesector draagt slechts in beperkte mate bij aan de methaanuitstoot in Nederland. De methaanuitstoot van de Nederlands energiesector is bovendien sinds 2010 met 50 procent afgenomen. Dat blijkt uit een eerste verkennende studie van TNO, in opdracht van Staatstoezicht op de Mijnen (SodM). SodM is, net als de Nederlandse Emissie Autoriteit (NEA), een van de toekomstige toezichthouders op de EU Methaanverordening.

Methaanverordening

Het doel van de EU Methaanverordening, die in 2024 in werking is getreden, is het beperken van methaanuitstoot die ontstaat bij de winning van fossiele grondstoffen en bij de distributie, transport en behandeling van aardgas. De verordening is van toepassing op producenten en transporteurs van gas, olie en steenkool binnen en buiten de EU. SodM houdt toezicht op de producenten en transporteurs binnen Nederland. De NEA houdt toezicht op de importeurs.

Energiesector

Uit de TNO inventarisatie van openbare bronnen komt naar voren dat 2,7 procent van de totale methaanuitstoot in Nederland afkomstig is uit de energiesector. Deze eerste inventarisatie is nog niet volledig. Er wordt nog nader onderzoek gedaan naar de uitstoot van voormalige steenkoolmijnen en van de zogenaamde ‘gesloten systemen’: de private gasnetwerken op bijvoorbeeld industrieterreinen. Het overgrote deel van de methaanuitstoot in Nederland is afkomstig uit de veeteelt, zo blijkt uit de quickscan.

Dalende trend

Het onderzoek richtte zich op vijf sectoren: gas- en oliewinning, publieke en private gasnetten, gasopslag in zoutcavernes en voormalige steenkoolmijnen. Uit de TNO-quickscan blijkt dat de methaanuitstoot in deze vijf sectoren sinds 2010 met meer dan 50 procent is gedaald. Dit bevestigt volgens SodM de keuze voor haar risicogestuurde aanpak bij de uitvoering van de EU Methaanverordening.

Deze aanpak houdt in dat het toezicht van SodM zich vooral richt op de grootste bronnen van uitstoot. Op basis van deze eerste inventarisatie van TNO ligt de nadruk daarbij naar verwachting op gasnetten en olie- en gaswinningsactiviteiten.

Eerste onderzoek

SodM benadrukt dat het gaat om een eerste inventarisatie en dat er nog onzekerheden zijn in de emissiecijfers. SodM verwacht echter niet dat vervolgonderzoek tot een wezenlijk ander beeld zal leiden. In een later stadium worden de resultaten nader uitgewerkt.

Dit onderzoek van TNO richt zich uitsluitend op methaanuitstoot binnen Nederland. Emissies die samenhangen met geïmporteerde fossiele brandstoffen zijn niet meegenomen. Zoals eerder vermeld is NEA voor dat deel van de Methaanverordening de toezichthouder.