Het sluiten van het Groningen-gasveld

Nu de gaswinning uit het Groningen-gasveld wordt afgebouwd naar nul, kunnen winningslocaties één voor één worden verwijderd. Het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) ziet erop toe dat de gasputten goed en permanent worden afgesloten. De langetermijn-effecten van de gaswinning zoals bodemdaling en bodemtrillingen, moet de NAM blijven monitoren. Zo kan SodM, indien nodig, de NAM aanspreken op de gevolgen van de gaswinning in Groningen, ook als ze daar allang mee is gestopt. 

Eerst een plug onderin de gasput

Hoe gaat het afsluiten van een gasput in z’n werk? Eerst worden eventuele restjes aardgas in de installatie afgefakkeld, dat zorgt bovengronds voor een vlam. Daarna wordt een cementplug helemaal onderin de gasput geplaatst. De gasputten uit de Loppersum-clusters (Ten Post, Overschild, De Paauwen, ’t Zandt en Leermens) zijn al op deze wijze afgeplugd. De gaswinning uit deze clusters is sinds februari 2018 gestopt na advies van SodM.

Afbeelding Overzicht productielocaties in het Groningen-gasveld (zie Figuur 4)

In rood de reeds afgeplugde gasputten uit de Loppersum-clusters.

Dan definitief en lekdicht afsluiten

Nadat een gasput is afgeplugd, kan deze definitief worden afgesloten. Allereerst wordt een metalen plug in de gasput geplaatst ter hoogte van de zoutlaag direct boven het gasveld. Daarop wordt minimaal 50  meter cement gestort. Hierboven volgen meerdere lagen cement met daartussen zoutwater. Tijdens het plaatsen van deze cementpluggen wordt getest of ze de put goed afsluiten. De afgesloten gasput wordt vervolgens minstens drie maanden in de gaten gehouden om te controleren of de put lekdicht is afgesloten.

Verwijderen bovenste deel van de put

Zodra de put lekdicht is afgesloten, kan ook het bovenste deel van de gasput veilig  verwijderd worden. De bovenkant van de gasput wordt tot op drie meter diepte afgezaagd en verwijderd zodat deze geen belemmering meer vormt voor toekomstige ontwikkelingen op het terrein.

Aantal gasputten nodig voor onderzoek naar het gasveld

Welke locaties na de Loppersum-clusters worden gesloten, is afhankelijk van de capaciteit die eventueel nog nodig is voor het winnen van aardgas in geval van een calamiteit danwel een strenge winter. Daarnaast zijn er putten nodig ten behoeve van onderzoek, bijvoorbeeld om de ontwikkeling van de drukverdeling in het Groningenveld in de gaten te houden. Hier zal dan geen gas meer uit gewonnen worden. De NAM maakt een voorstel welke gasputten nog gebruikt moeten worden. SodM zal dit voorstel uit oogpunt van veiligheid beoordelen.

Toezicht op het sluiten van het Groningen-gasveld

Mijnbouwondernemingen moeten werkzaamheden aan gasputten eerst ter goedkeuring aan SodM voorleggen. Tijdens de werkzaamheden houdt SodM door middel van aangekondigde en onaangekondigde inspecties in de gaten of de werkzaamheden goed worden uitgevoerd. SodM ziet erop toe dat de putten goed afgesloten zijn én blijven. Na deze werkzaamheden moet de bodem indien nodig worden gesaneerd. De mijnbouwonderneming dient dan een saneringsplan in, waar SodM en de provincie goedkeuring voor moeten geven. Pas als de grond ‘schoon’ is verklaard, wordt deze teruggegeven aan de oorspronkelijke eigenaar. Dan is de locatie ook geen mijnbouwlocatie meer.

Monitoren van de langetermijn-effecten van de gaswinning

Naast het veilig verwijderen van de installaties, is ook het monitoren van de langetermijn-effecten van de gaswinning van belang. Want als de gaswinning is gestopt, gaan de bodemdaling en de aardbevingen nog enige tijd door. SodM ziet erop toe dat de NAM deze effecten monitort. Dan kan SodM de NAM aanspreken op langetermijn-gevolgen van de gaswinning in Groningen.